dinsdag 29 december 2015

Op zoek naar verloren smaken

 
In A la recherche du temps perdu van Marcel Proust doopt de verteller een madeleine in een kopje bloesemthee. De smaak en zachte textuur van het gebakje weekt iets los in zijn geheugen. Diezelfde lekkernij, zo herinnert hij zich plots, at hij op zondagochtend in de slaapkamer van zijn tante Léonie. Ook zij doopte het gebakje eerst in een kopje thee, voor ze het aan hem gaf. De loutere aanblik van de madeleines en de thee hadden niets bij hem losgemaakt. Pas toen de smaak zijn papillen binnendrong, werd de herinnering aan de zondagochtenden bij tante Léonie, tot dan toe onmerkbaar in zijn geheugen sluimerend, tot leven gewekt.

De roman van Proust bevat nog verschillende voorbeelden van dergelijke onwillekeurige herinneringen. Die kunnen we niet op bevel naar de oppervlakte roepen, zoals de meeste van onze herinneringen, maar komen buiten onze wil om tot leven. De herinneringen aan de zondagochtenden bij tante Léonie waren al die tijd aanwezig, verzonken in het brein van de verteller, maar zonder de prikkeling van zijn smaakzintuig kon hij ze niet opwekken.

Smaak en geur lenen zich in het bijzonder tot onwillekeurige herinneringen. Met bewuste gedachten kunnen we ze niet oproepen, omdat smaken zich moeilijk in woorden laten vatten, de gekunstelde beschrijvingen van sommeliers ten spijt (een ‘soepele’ maar ‘terughoudende’ wijn met een ‘levendige’ afdronk?). Enkel bij de juiste prikkeling van onze zintuigen komen ze tot leven. Maar is zo’n onwillekeurige herinnering betrouwbaar als ze je plots overvalt, na jaren in je geheugen te sluimeren?

Elke herinnering is een reconstructie, waarbij ons brein de gaten invult op basis van verwachtingen en giswerk. Sommige van die toevoegingen worden vervolgens mee opgeslagen met de oorspronkelijke herinnering, waardoor je op den duur de verschillende lagen niet meer van elkaar kan onderscheiden. Bij het spel chinees fluisteren zitten kinderen in een kring en fluisteren ze een verhaal in het oor van de persoon naast zich, die het op zijn beurt verder vertelt. Tegen de tijd dat het verhaal de cirkel heeft vervolmaakt, is het totaal onherkenbaar. Ons brein vertelt op soortgelijke wijze verhalen aan zichzelf. Het vult gaten, bouwt bruggetjes, voegt stukken toe.

Talloze psychologische experimenten wijzen uit dat het een koud kunstje is om valse herinneringen te creëren. In een mum van tijd kan je mensen bijvoorbeeld wijsmaken dat ze als kind Disneyland bezocht hebben, waarbij ze een levendige herinnering hebben van hoe ze een pluchen Bugs Bunny bij de draaimolen de hand schudden, en zelfs even zijn wortel vasthielden. Best mogelijk, zou je denken? Inderdaad bezochten massa’s kinderen Disneyland. Maar Bugs Bunny is een figuur van Looney Tunes. In Disneyland zou deze concurrent terstond het park uitgejaagd worden. (Zie het onderzoek van de psychologe Elizabeth Loftus).

Zelfs een herinnering als die van Proust kan een compleet verzinsel zijn. De kans bestaat dat ze werd bezoedeld door latere associaties en herinneringen. Een parfum kan je herinneren aan een oude geliefde, maar enkel als zij de enige was die het droeg. Als je dezelfde geur sindsdien nog vaak hebt geroken, vervaagt en vervormt je oorspronkelijke herinnering.
Mocht ik op een dag overvallen worden door een madeleine-moment, weet ik niet of ik mijn geheugen zou vertrouwen. Zelf heb ik verschillende levendige herinneringen aan mijn vroege jeugd waarvan ik vermoed dat ik ze gaandeweg geconfabuleerd heb, omdat ik ze zo vaak van familie en vrienden heb gehoord en zelf heb doorverteld. Misschien is er door al die nevelen nog een spoor van de authentieke belevenis te ontwaren, maar dat valt niet langer te achterhalen.

Hoe kunnen we die kans op vertekening minimaliseren? Door een verse herinnering op te wekken, onbezoedeld door latere bewerkingen. Ga terug naar het huis van je kindertijd, liefst na enkele decennia van afwezigheid. Loop door de gangen, snuister in de oude koffers, raak de oude boom in de tuin aan. De kans is groot dat onwillekeurige herinneringen je zullen overvallen. De geur van de eikenhouten trap, of de lavendelstruik in de tuin, kan een cascade van onwillekeurige associaties in gang zetten. Misschien herinner je je plots hoe je ooit van die eikenhouten trap buitelde, welke pyjama je toen aanhad, en welk knuffeldier je in de hand klemde. Nog steeds bestaat het gevaar dat je brein confabuleert. Maar als je je ouderlijke huis bezoekt na een lange afwezigheid, heb je volgens mij betrouwbaarder herinneringen dan wanneer je er al die tijd bleef wonen, en elke dag langs dezelfde eikenhouten trap loopt.  

De meeste smaken uit mijn kindertijd heb ik al talloze keren opnieuw geproefd. De herinnering eraan is overschreven, vervormd, bezoedeld door latere episodes. Een aantal smaken heb ik sindsdien bijna nooit meer geproefd: de Japanse smaakmaker gomasio, die mijn moeder op de spaghetti strooide in plaats van geraspte kaas; de gebakken pompoenen uit de oven; de zelfgemaakte rabarberconfituur. Ongetwijfeld zijn er nog meer, die ik zelf moeilijk kan opwekken, omdat ze uit de onnavolgbare artisanale keuken van mijn moeder komen. 

Ik herinner me één gerecht, dat ik toen overheerlijk vond, maar sindsdien nooit meer heb geproefd. Dat is het Tunesische Brik à l’oeuf, een tot driehoek gevouwen pannenkoek van filodeeg gevuld met ei, tonijn, kappertjes en peterselie. In Noord-Afrika is het een ramadan-lekkernij die bij zonsondergang wordt geserveerd als voorgerecht, en die naar ik aanneem veel van de urenlange ontbering goedmaakt. Ik at het enkele keren bij vrienden van mijn ouders die lang geleden in Tunesië woonden, maar sindsdien nooit meer, ondanks mijn smeekbedes. Het filodeeg was niet makkelijk verkrijgbaar: je moest ervoor naar de markt in Brussel bij de Tunesiër. (vergeef me als mijn brein hier confabuleert)

Ziehier mijn poging om een onwillekeurige herinnering terug op te wekken, het equivalent van de madeleine bij Proust, met dank aan de voortreffelijke kookkunsten van Valerie Granberg. De onbetrouwbaarheid van ons geheugen indachtig, was ik het aan mezelf verplicht om, zoals het een ongelovige Thomas betaamt, met een onderzoekende vinger door het deeg te priemen en me ervan te vergewissen dat we hier met een onvervalste en authentieke brik te maken hebben. (Inderdaad). Welke herinneringen komen tot leven?



Ik zag over de rand van het fornuis hoe de Brik, in frituurolie drijvend, met een lepel tegen de rand van de pan werd geprakt, om de krokante korst op te krullen. Door het keukenraam had ik uitzicht op een weide met zwarte schapen en een ezel, wiens naam me nu ontsnapt.
Op tafel stond ook een aarden kommetje met dadels, die ik toen om onbegrijpelijke en kinderachtige redenen niet lustte. Een filosofische vraag: als je je een smaak herinnert die je vroeger niet lustte, maar nu wel, herinner je je dan dezelfde smaak?

Ik herinner me ook dat er vers geplukte frambozen waren. Of in ieder geval: het was zomer en we plukten daar in de tuin regelmatig frambozen. Die frambozen moeten er dus geweest zijn. Nu ik eraan denk, zie ik ze voor me liggen, in een rieten mand op de bijzettafel, aanlokkelijk rijp en hapklaar. Ik voel de zaadjes tussen mijn tanden plakken. Of zou het?

(Essay voor de bundel Diner Pensant. Waar filosofen op kauwen van Valerie Granberg)

Is religion a stumbling block to integration?

I want to argue in favor of the motion that religion constitutes a stumbling block to integration. By this I mean: integration in our modern, secular, liberal, democratic order. I will distinguish two types of reasons: one concerns some fundamental features of religion as a cultural phenomenon. The other reason has to do with the vagaries of history and sheer coincidence.

But first religion itself. Let me start with the most general characterization of religion. Religions are belief systems, bound up with certain practices and rituals, which proclaim some supernatural truths. In the case of revealed religions these truths are described in a number of holy books, which are infallible and should not be questioned. In my book Illusions for the Advanced I described the evolution of religious belief systems and wondered whether religions can play a useful role in our society. In the end I arrive at the conclusion that religions are byproducts of our brains, which serve no useful function for humans or for society. If they have a purpose at all, it is mainly to spread and to sustain themselves. Based on this evolutionary perspective, I think I can develop an argument for why religions are, almost by definition, opposed to integration or assimilation. In the course of history, people have worshipped countless gods, which now lie in the graveyard, as H.L. Mencken once put it, because no one is afraid of them any longer, and no one is left to pray to them. You can see this process as a form of natural selection, but in a cultural sense. Gods survive as long as the human imagination keeps them alive. Some are exiled, rejected or forgotten. Others perish along with their faithful, when the latter are conquered by other groups. Still others wither away in contact with other gods and other cultures.

And that brings me to the main point. The religions that were too malleable, too easily accommodating to changing circumstances, too prone to compromise, have disappeared in the folds of history. Numerous gods have failed, precisely because their supporters too easily blended in with other cultures. The religions that have endured long enough to still be around, are the religions that managed to forge close-knit groups that actively resisted assimilation, and didn't tolerate any questioning or doubt. Religious doctrines, at least culturally successful ones, are not open to critical scrutiny, but must be accepted on blind faith. By its very nature, religion creates a dichotomy between those who live in the ‘Truth', and the outsiders who are deprived of it. In other words, religion is the mother lode of Us-vs-Them thinking. Blind faith is divisive, whereas doubt and critical thinking unites and bridges our differences.

Take the remarkably long life span of the Jewish religion, which managed to survive and preserve its identity for almost three millennia, even in strange and often hostile environments (although it has fractionated internally). By founding a close-knit community, including initiation rituals and shared myths and traditions, it has fostered strong social bonds. By cultivating the idea of being the ‘chosen people', it has created a sense of superiority and specialness with regard to the rest of the world. One savvy trick to promote and enforce group cohesion, described in the books of Leviticus and Deuteronomy, is to mandate the death penalty for apostasy, for worshipping other gods besides God, and for failing to obey the commandments of the one true God. Is that not a great trick to ensure that no one defects the group, nor blends in or integrates with other groups, and thus to protect the belief system?

The two illegitimate children spawned by Judaism - Christianity and Islam - have adopted and refined some of those mechanisms for promoting group cohesion and fostering Us-vs-Them thinking. The main innovation, to make a shortcut, is that they began to "assimilate" other groups into their faith: proselytism became a sacred duty. Not only did the members of the group initiate all children into the faith as soon as possible, but they also started spreading their beliefs far and wide. Sometimes using gentle persuasion, sometimes brute force. Proselytizing religions (Islam and Christianity) are an obstacle to integration in our modern world, precisely because it is part of the religious duty to actively oppose it, and turn the tables on the other party. This, of course, precisely explains their overwhelming success in world history.

But that was back then. Through globalization and modern communication technology, there is a lot more contact nowadays between religions and cultures—a lot more mutual influence. Ever since the advent of the Enlightenment, with its values of free and critical inquiry, religions have been exposed to threats that they did not encounter before in their history. Myths clash with scientific knowledge, traditional practices are being questioned. In more and more countries people enjoy the freedom, enshrined in laws and constitutional rights, to change their religion, to learn about other religious traditions and cultures, and to criticize, or even, ridicule religious beliefs. The beliefs and practices of old are being threatened.

Now there are basically two things that can happen: religion may lose its hold over our human minds, group cohesion may weaken, rituals and traditions become less strictly observed, and belief in doctrines slowly withers away. Rough edges may be smoothed, despicable practices abolished or no longer carried out, and bizarre doctrines discreetly abandoned. Religions may also become more modest. Believers may accept the separation of church and state and make divine laws subordinate to human laws. They will no longer try to impose their faith on the rest of the world, and they engage in more contact with people of other persuasions. In Western countries many religions in recent centuries have been modified and sculpted by the values of Humanism and Enlightenment. Sociological research shows that this process continues unabated. After a few generations, the power of God has eroded so much that he is only a shadow of what he used to be. Some people end up losing their faith altogether, some still keep the rituals and symbols, devoid of any doctrinal content. Many turn their backs on religious institutions and develop a form of private spirituality.
But there is a different, opposite possibility. In confronting the threats of modern culture, some religions may retreat in their dogmas. Time-worn tricks for promoting group cohesion may be deployed to resist the temptations of the modern world: consumerism, freedom, earthly pleasures. The gods who are still alive today, are struggling like devils in a holy water font. The resurgence of religion, of which we hear sometimes, concerns especially these persistent, aggressive and radical forms, which are not easily tamed by Enlightenment. Those gods have lost none of their power, or have even grown stronger facing the challenges of modern life. Precisely these religions tend to achieve cultural success, and form a stumbling block for integration. Now I would like to give some examples of how religion hinders integration. I will talk mostly about Islam, since this is the faith that is of greatest concern in our modern life. To some extent, however, my remarks also apply to fundamentalist strands of Christianity and Judaism.

Homophobia and gay bashing. All three Abrahamic religions have traditionally been obsessed with what we are up to in our bedrooms. The sexual norm professed by Islam, Christianity and Judaism is explicitly heterosexual. In Holy Writ, homosexuality is condemned in the strongest terms, as a heinous sin, often punishable by death. Most forms of Christianity are now "assimilated" into modernity, and have somewhat toned down their invective against homosexuality. They still find it horrible, but no longer think it should be punished. Or they find the act sinful, but have compassion for the sinner. In Islamic circles, this accommodation to enlightened values is still far away. Research by sociologist Mark Elchardus shows that a quarter of young Muslims in Ghent and Antwerp find violence against gay people legitimate, three times as many as among Flemish students. A survey of 500 Muslim youth from the United Kingdom points out that no one (!) deems homosexuality 'morally acceptable', and 61% wants it to ban it. Among Western-European Muslims, 55% do not want a gay person as a friend. Those who deny that Islam provides fertile ground for homophobia and a stumbling block to integration, are willfully blind.

Interreligious marriage. There is a taboo in Islam on marriage between a Muslim woman and someone outside the faith community. This is a very concrete obstacle to integration. Marriages between a Muslim male and someone outside the community of faith occur quite frequently, but the reverse is much less common. Again, this provision has a religious motivation. According to the Qur'an, men are allowed to marry Christian or Jewish women, but Muslim women can never marry a non-Muslim man (Sura 60:10). If communities continue to live apart, then there is no question of genuine integration.

Outgroup hostility. Both in Christianity and Islam we see that religious groups see themselves as a beleaguered and oppressed minority, even if they have gained power. Christians in the U.S. imagine that there is a "War on Christmas" going on. Muslims imagine that European civilization is out to destroy Islam, that Muslims are regarded as inferior, that they are discriminated against and excluded. That sense of frustration and paranoia is of course exploited by Jihadist groups as a recruitment tool. But the persecution complex and the Us-vs-Them thinking is not limited to ISIS and Al Qaeda. The Qur'an constantly warns against the enemies of Islam, against the hypocrites who undermine the faith from within, and the book exhorts Muslims not to befriend Jews and Christians. Unbelievers, it goes without saying, are pure evil. More than 50% of Muslims living in Europe, according to research by Ruud Koopmans, think the West wants to destroy Islam. Policy measures such as a ban on religious symbols, in official functions or in the classroom, are seen by many Muslims as a deliberate strategy to oppress and eradicate Islam. Those who imagine that such views do not stand in the way of integration, are willfully blind.

Ideological affinity with radicalism (Jihadism). Islam today suffers from a serious reputation problem, because of the relentless stream of Islamist terrorist attacks worldwide, and also because of the sympathy some Muslims in Europe still feel for Jihadism. The majority of Muslims are not to blame for this, but both moderates and radicals invoke the very same sacred texts and use similar symbols. That this would muddy multicultural waters was written in the stars. Explicit denunciations of IS by religious leaders are still urgently needed (and happen thankfully) but moderate Muslims must also come to terms with the deep religious roots of Islamic terrorism, and stop repeating the mantra that this "has nothing to do with Islam".

I could continue this list, but I promised to also say something about the historically contingent circumstances that make religion today a barrier to integration. The main problem is the accidental but unfortunate association between religious faith and ethnic background, which results from the vagaries of history and the geographical distribution of religions. Religious fundamentalism can be found in all religions, but at this moment in history Islam wreaks most havoc. A significant proportion of immigrants in European society are Muslim, and most Muslims simply happen to have a darker complexion. That unfortunate association distorts the debate on integration. On the one hand, critics of Islam are branded as "racists" or "xenophobes" because they inadvertently target an ethnic or cultural minority. Inspired by a misguided notion of "respect", especially for foreign religions of people with a different skin color, all kinds of abuses are condoned. Islamists exploit our fear of racism as a protective shield to propagate their noxious ideology with impunity. On the other hand, we must also recognize that genuine racists are hiding behind the cloak of Enlightenment values to appear more respectable. This happens in Flanders, especially by the right-wing ‘Vlaams Belang' party. Because criticism of Islam was for a long time a taboo from which other political parties have shied away, Vlaams Belang has been allowed to claim and appropriate the issue. Progressive voices, with some brave exceptions, were afraid of tackling Islam the way they used to tackle Christianity, for fear of being accused of racism. That dynamic is self-fulfilling: eventually the criticism of "foreign" cultures and religions is left to those who have no such misgivings and use religion critique as a cover for racism.

And there are other complications. Because of this perceived association between fundamentalist Islam and ethnic background, some will indeed develop (or strengthen) racist ideas. But that is misguided. Religions are not races and have no color. Anyone can endorse despicable ideas, regardless of ethnic background. If we should be grateful for anything to the white converts who have joined the ranks of the caliphate, it is that they have inadvertently showed that radical Islam has nothing to do with skin color. Islamic Jihadism is a toxic ideology, regardless of who adheres it. Nevertheless, the race association lingers in the minds of many. Not only are moderate Muslims today, especially after the horrific attacks in Paris, regarded with suspicion, but non-Muslims people with dark skin face the same prejudices, because they are associated with a religion that is not even theirs. In this way religious fundamentalism can breed and foster racism.
Religion is not the root of all evil, but it is divisive and polarizing, it breeds mutual distrust and Us-vs-Them thinking. The most successful gods, on the cultural level, are precisely the gods that don't make any compromises, that close ranks and close minds, that demonize the outgroup and resist outside influences. Increasingly, these are the gods that we must reckon with today. The others languish or rot in their graves. And that is why religion indeed forms a stumbling block to integration.

* * *
(Published at 3 Quarks Daily. Adapted from a speech at Utrecht University on 11.20.2015. Translation by Rik Delaet and me. Thanks to Bill Flavell for proofreading.)

dinsdag 15 december 2015

Het leven zoals het is na 13/11

Interview in Humo, samen met Tinneke Beeckman (via haar blog).

Door Tom Pardoen, verschenen op 8 december 2015.
imagesHectoliters drukinkt zijn gevloeid sinds de aanslagen in Parijs, oeverloos gepraat en geanalyseer in de ether geslingerd. Krap één maand na de feiten zetten
twee filosofen voor Humo een stapje achteruit om een breder perspectief te bieden: Maarten Boudry en Tinneke Beeckman belichten de grote maatschappelijke implicaties van 13/11. Het helikopterperspectief, James!  door Tom Pardoen / Foto’s Jelle Vermeersch

1503115Tinneke Beeckman publiceerde dit najaar het kraakheldere ‘Macht en onmacht’, waarin ze de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo kadert als een aanslag op het verlichtingsdenken. Maarten Boudry kwam tegelijkertijd op de proppen met ‘Illusies voor gevorderden’, over de continue spanning tussen waarheid en waanwereld, en doet geregeld van zich spreken met doorwrochte bijdragen over radicalisme en de islam. Ik ontmoet deze doordenkers in de Gentse boekhandel Limerick, waar we omsingeld zijn door de collectie schrijfmachines van W.F. Hermans. ‘Kunnen we helpen door minder breedsprakerig te zijn?’ vraagt Boudry vriendelijk.
Tijd voor de eerste vraag.
HUMO Leven we na 13/11 in een andere wereld?
Tinneke Beeckman «Ik denk dat we al een tijdje in een andere wereld leven, en dat de aanslagen in Parijs ons met de neus op de feiten hebben gedrukt: de veilige jaren 90 zijn voorbij. De kentering was voor mij de inval in Irak, toen we ver verwijderd zijn geraakt van de politieke en morele fundamenten van onze samenleving. Politici gingen bijvoorbeeld losjes om met de waarheid. Leugenachtig, zeg maar, in het geval van de zogenaamde massavernietigingswapens van Saddam Hoessein.
De Amerikaanse overheid stond foltering opnieuw toe. Dat toont dat rechten nooit verworven zijn. De Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens omvat bijvoorbeeld nog altijd de principes van de verlichting, maar de idee op zich is zo veralgemeend dat we ingedommeld zijn. Tegelijk zijn die principes en waarden voor veel mensen die hier zijn komen wonen, helemaal níét zo evident. Migranten van de tweede en de derde generatie hebben er al meer voeling mee, maar we hebben er zelf een paar honderd jaar over gedaan om te laten doordrin- gen dat alle mensen gelijk zijn, dat er geen metafysische hiërarchie bestaat, geen god aan wie de mens onderworpen is.»
Maarten Boudry «Ik volg Tinneke: er zijn mensen bij wie het woord verlichting zelfs geen belletje meer doet rinkelen. Maar als ik mensen hoor zeg- gen dat het westerse samenlevingsmodel en de liberale democratie existentieel bedreigd zijn, zeg ik: ‘Nee.’ Wij maken een unieke periode van onafgebroken vrede mee, waardoor we diep geschokt zijn door wat in Parijs is gebeurd, maar onze manier van leven is niet bedreigd. We zullen IS moeten uitzweten, maar uiteindelijk zullen we ze verpletteren.  Hun draagvlak was sowieso al klein, en dat wordt nu nóg kleiner: de reactie van de moslimwereld is veel uitgesprokener dan na Charlie Hebdo. Ze zijn nu zelf ook geraakt, Saint-Denis heet een heel grote mos- limgemeenschap.»
Beeckman «Denk je niet dat het te vroeg is om te zeggen dat we IS gaan oprollen?»
Boudry «Welk ander scenario is denkbaar? Ik vind het een veilige voorspelling: IS jaagt iedereen tegen zich in het harnas, tot Saoedi-Arabië toe. We zullen ze verslaan, maar we moeten wel blijven nadenken. Als we de draak zonder meer onthoofden, sijpelt het bloed alle kanten uit: de jihadi’s die nu vech- ten voor het kalifaat, zullen dan de toer van Al Qaeda opgaan en  het front verleggen, met guerrilla-aanslagen in het Westen.» Beeckman «Maar zal radicalisme niet altijd blijven bestaan, ook als IS verslagen is? Altijd zullen er mensen zijn die zich vanuit een rijke verbeelding over het kalifaat en onwetendheid over het verleden op een zeer radicale manier politiek engageren.»
SEXY WREEDHEID
HUMO Vielen de aanslagen in Parijs te voorkomen?
Beeckman «In termen van efficiëntie van de veiligheidsdiensten: néé. Treinreizigers hebben de aanslag op de Thalys verijdeld, maar je kunt niet blijven rekenen op toeval. De wreedheid van Parijs heet me evenmin verbaasd. Na 7 januari zeiden sommige mensen: ‘De redactie van Charlie Hebdo heet het zelf gezocht, want ze hadden de profeet beledigd.’ Dat klopt natuurlijk niet, maar het nieuwe geweld toont dat we ons op een glijdende schaal begeven als we de vrijheid van meningsuiting opgeven: wie bereid is om te doden als de profeet wordt beledigd, vertrekt van een denkkader waarin hij bereid is tot élk geweld tegenover élke ongelovige. Mensen kunnen zich daar niets meer bij voorstellen, omdat ze het fanatieke religieuze geweld van de 16de en 17de eeuw vergeten zijn. De aantrekkingskracht van de wreedheid: we begrijpen dat niet. Toen Charb, de hoofdredacteur van Charlie Hebdo, zei dat hij liever rechtop zou sterven dan op de knieën te moeten leven, werd hij weggelachen: ‘Welk een absurde retoriek: de Tweede Wereldoorlog is voorbij.’ Invloedrijke denkers zoals Richard Rorty hebben het geloof in de democratie geen dienst bewezen. Integendeel, ze zeiden dat élke waarheid relatief is, dat zelfs de liberale democratie voorwaardelijk is, dat universele rechten van de mens niet bestaan en dat het enige wat ons bindt de afkeer van wreedheid is. Wel, nu blijkt dat die wreedheid precies aantrekkelijk is en dat de samenleving niet vreedzaam blijft als iedereen zijn eigen waarheid heet en elke norm wegvalt. Want als iemand anders je plots tot doelwit kiest, moet je tóch positie kiezen, en moet je weten waar je voor staat.»
Boudry «Conlictvermijding is de grote fout van de multiculturele ideologie: ‘Laat de nieuw- komers maar een eigen leven leiden, desnoods in eigen wijken.’ Wat Paul Scheffer (Nederlandse publicist en hoogleraar, red.) al schreef in ‘Het land van aankomst’: elke integratie begint ermee dat mensen elkaar zoveel mogelijk negeren. Je komt onvermijdelijk altijd op een punt dat je elkaar niet meer kúnt negeren. Maar dan is de wonde al zo lang aan het etteren dat het conlict alleen maar kan escaleren.»
Beeckman «Op veel spoeddiensten is er tegenwoordig altijd een vrouwelijke arts aanwezig, omdat moslimmannen soms gewelddadig worden als hun vrouw behandeld wordt door een mannelijke arts – soms met agressie tot gevolg. Die echtgenoot maakt de nood van zijn vrouw ondergeschikt aan een religieus voorschrit: dat is een culturele opvating die botst met onze fundamentele principes. Wij aanvaarden dat door een vrouwelijke arts op te roepen, terwijl je zou moeten zeggen: ‘Als jij agressief en jaloers bent, heb jij een probleem.’ Uiteindelijk heeft iedereen daar baat bij, ook die man zelf, die lijdt aan allerlei waanbeelden en zijn obsessie met seks. We hebben geen seculier antwoord meer op gelovigen die wangedrag goedpraten met religieuze argumenten. Maar je verergert de problemen als je niet duidelijk stelling neemt tegen dat soort dagelijkse verschijnselen.»
HUMO Na het echec van de Iraakse democratie, geïnstalleerd door de Amerikanen nadat ze Saddam hadden verdreven, werd ook hier geopperd: misschien moeten we ons samenlevingsmodel maar niet opdringen? Maar u vindt dat we ons van de beschuldigingen van neokolonialisme maar niets moeten aantrekken: de westerse liberale democratie is superieur?
Boudry «Democratie en vrijheid kun je niet gewapender- hand opleggen, zeker niet in een regio vol sektarische spanningen. De oorlog in Irak was een rampzalige fout. Maar nietemin: absoluut, onze samenlevingsvorm is superieur. Er is een soort schroom ontstaan om dat te zeggen. Tinneke beschrijft in haar boek mooi hoe westerse filosofen zijn gaan twijfelen aan de verlichtingsidealen. Ik ga kort door de bocht, maar de verlichting is gestart met het ter discussie stellen van dogma’s, tradities, religies, bijgeloof. Nadien kwam het postmodernisme, dat vervolgens ook de aanspraken van de verlichting ging ondergraven. Objectiviteit, waarheid en gelijkheid werden ook ter discussie gesteld. Een grote misvating, want als je de wetenschap en de kritische methode onderuithaalt, wordt alles relatief en heb je geen poot om op te staan wanneer je geconfronteerd wordt met een ideologie die overtuigd is van haar eigen suprematie.»
Beeckman «Spreken in termen van superioriteit helpt het debat niet vooruit, maar wat telt is dat de democratische principes hebben bewezen dat ze tot meer vrijheid, welvaart en vrede leiden. En een kritisch denken dat alleen het westerse meerderheidsdiscours ter  discussie wil stellen, vind ik erg beperkend. De Franse filosoof Michel Foucault had terecht kritiek op het Amerikaanse imperialisme in Vietnam, maar hij is zo gefixeerd geraakt op westerse dominantie dat hij blind werd voor de tekortkomingen van het fundamentalistische alternatief. Hij zette de Sjah van Perzië weg als een marionet van de Amerikanen, maar als feministes zeiden dat de ayatollahs vrouwen en homoseksuelen als tweederangsburgers beschouwden, zweeg hij. Alsof de westerse politiek de enige bron van onrecht kan zijn.
»De beschuldigingen van neokolonialisme berusten overigens ook op een hardnekkige misvatting over de verlichting. Kritisch denken over jezelf maakt integraal deel uit van het verlichtingsdenken, net als het onderzoeken van de feiten en de waarheid. Ook al was Leopold II een almachtige vorst, we hebben zijn beleid ter discussie gesteld. Journalisten zijn naar Congo getrokken en hebben zijn gruwelen gedocumenteerd.»
Boudry «Wij lichten onszelf voortdurend door, en dat is vrij uniek. De Amerikanen heb- ben de wantoestanden in Abu Ghraib zélf onderzocht, na rap- porten van Amnesty – te laat, dat is waar – en toen de oorlog in Irak uitbrak, zijn tienduizen- den betogers op straat geko- men in Londen en elders. Bush, Cheney en Blair hebben fouten gemaakt, maar intussen bleef de persvrijheid wel bestaan en werden de leugens over Irak genadeloos op de korrel ge- nomen door westerse journalisten en historici. Net zoals bij Leopold, zoals Tinneke zegt. Ik vind niet dat wij verzaakt hebben aan onze waarden. Wie zijn die ‘wij’?»
Beeckman «Dat vind ik wel. We hebben gefolterd, en volgens Human Rights Watch heeft Obama een ellendig parcours afgelegd qua pers- vrijheid. En vergeet Edward Snowden (Amerikaanse klokkenluider van de NSA, red.) niet. Die had geen Bijbel, maar de Amerikaanse grondwet op zijn bureau liggen. Nu woont hij in Rusland.»
KLAAR VOOR DE EINDTIJD
HUMO De hand is de laatste weken vaak in eigen boezem gestoken: ‘We hebben
het zelf gezocht.’ Ons trackrecord in de regio is niet vlekkeloos. Niet tijdens de koloniale periode, en daarna evenmin.
Boudry «Au fond was de inval in Irak een geweldige vergissing. Je kunt niet ontkennen dat die een ketingreactie heet veroorzaakt die uiteindelijk tot IS heet geleid. Maar de VS hebben natuurlijk niet de ideologi- sche basis van IS gelegd. Daar ligt wat mij betreft de grens tussen de vraag naar onze verantwoordelijkheid – enfin, die van Bush en Blair – en verregaande zelkastijding. De ideologie van IS gaat terug op een deal tussen Saoedische stammenleiders en Al-Wahab, de grondlegger van het wahabisme dat aan de grondslag ligt van het salafistische gedachtegoed van IS.»
HUMO Jef Lambrecht betoogde twee weken geleden dat IS een seculiere organisatie is die een religieuze mantel draagt: de ruggengraat bestaat uit figuren uit de Baath-partij van Saddam.
Boudry «Zei hij dat echt? Ik kan me daar geweldig over opwinden: veel westerse intellectue- len zien niet in dat het apocalyptische wereldbeeld van IS geen uitstaans heet met het onze. Ze zijn uit op chaos. Ze willen niet verhinderen dat we het kalifaat aanvallen, ze willen dat precies uitlokken: ze denken dat het de eindtijd zal triggeren. Als ze heldhaftig strijd leveren en genoeg ongelovigen doden, mogen ze daarna het paradijs betreden. Als IS enkel uit zou zijn op macht en grondgebied, dan is hun strategie onbegrijpelijk en suïcidaal.»
HUMO Blind geweld kan toch ook een militaire strategie zijn? Franco en zijn generaal Queipo de Llano hebben die gulzig toegepast tijdens de Rif-oorlog en de Spaanse burgeroorlog.
Boudry «Dictators met machtsambities zoeken geen ruzie met iederéén, ze manoeuvreren zich in het geopolitieke spel, sluiten strategische bondgenootschappen en denken aan hun eigen lijfsbehoud. Het klopt dat een aantal opportunisten van de Baath-partij zich hebben aangesloten bij IS, maar die zijn serieus in de aap gelogeerd. Zij denken nu wellicht: met welke knetergekke zeloten hebben wij te maken?»
HUMO Ligt de kiem van het radicalisme in de Koran gezaaid? U vindt van wel, meneer Boudry.
Boudry «Ja. Je vindt er veel aanknopingspunten voor de expansionistische en gewelddadige superioriteitsideologie van IS. Nostalgie naar een roemrijk verleden is op zich niet zo bijzonder, maar wie een ideologie wil begrijpen, moet de teksten lezen waarmee ze gestaafd is. Als in een tekst wordt opgeroepen om ongelovigen te verpletteren en tot slaaf te maken, dat speciale taksen geheven moeten worden bij christenen en joden, zegt dat veel. Het is geen toeval dat de ideologie van IS en Al Qaeda is wat ze is. Het is evenmin toevallig dat zulk radicalisme, met de specifieke doctrines over heilige oorlog en paradijs, niet in pakweg het boeddhisme of het hindoeïsme bestaat.»
HUMO De Koran mag en kan op verschillende manieren geïnterpreteerd worden, men kan het zelfs als een roman lezen. De meeste moslims trekken niet op moordtocht wanneer ze het gelezen hebben.
Boudry «De overgrote meerderheid van de moslims gelooft helaas dat de Koran het letterlijke woord van Allah is. En de doctrine van een heilige oorlog tegen ongelovigen ligt er zo-maar voor het rapen. De Koran valt uiteen in de vroege Mekkaanse en de latere Medinese openbaringen. De Mekkaanse zijn vredelievender dan de Medinese, waar het vijandsdenken ingebakken zit, en waardoor veel moslims echt denken dat het Westen de islam kapot wil maken – meer dan 50 procent van de moslims in het Westen is daarvan overtuigd, volgens onderzoek van Ruud Koopmans (Nederlandse hoogleraar sociologie, red.). Het probleem is dat, als een jong vers een ouder tegenspreekt, het meest recente primeert.»
Beeckman «Het is een grote vergissing om te denken dat elke jongere die naar Syrië trekt, een geleerde van zijn theologie is. Niet de Koran wordt het vaakst gelezen, maar ‘Management of Savagery’ van Abu Bakr Naji (Al Qaeda-ideoloog, red.), waarin wordt uitgelegd hoe je terreur moet zaaien, en welke pr-strategie je moet voeren. Volgens dat boek is het vroeger fout afgelopen met het kalifaat, omdat men te toegeeflijk was tegenover ongelovigen. Opnieuw die wreedheid, dus. Maar het grote probleem is het falen van het Arabische nationalisme, de implosie van min of meer seculiere staten die na de koloniale periode zijn opgericht. De vrijheidsstrijders van weleer waren dictators geworden, die de verdeeldheid in hun land intoomden met brutaal geweld. Dominique Moïsi (Franse hoogleraar internationale betrekkingen, red.) heet dat ook geschreven: onderschat het gevoel van mislukking, vernedering en haat niet, ook over de Arabische Lente. Vanuit die gevoelens plooien ze zich nu terug op hun traditie. En religie zit in de kern van die traditie.»
Boudry «Nadat het Arabische nationalisme was mislukt, hebben veel mensen zich onderworpen aan een gewetensonderzoek. Dan is de denkfout snel gemaakt: ‘We zijn te ver afgeweken van de bron.’ En: ‘We moeten terug naar de zuivere islam.’ Natuurlijk hebben niet alle Syriëstrijders de Koran grondig bestudeerd, net zomin als elke kruisvaarder de Bijbel had gelezen. Maar waar komt de ideologie vandaan? Het terreurhandboek van Abu Bakr Naji komt niet zomaar uit de lucht gevallen.»
Beeckman «We mogen niet onderschaten dat zo’n fundamentalistische ideologie steunt op wat Nietzsche ressentiment noemt: een levensontkennend, nihilistisch perspectief op de wereld. Dat bepaalt ook hoe je naar het leven kijkt: je bent niet meer in staat om te bewonderen, je ervaart je lot passief en staat beschuldigend in het leven. Je keert je af van schoonheid en sensualiteit. Wij laten ons sinds mei ’68 geen schuld en schaamte en andere droeve passies meer aanpraten. Daarvoor is onder meer een scherpe godsdienstkritiek nodig geweest. Vandaag verhindert de beschuldiging van ‘islamofobie’ dat je die kritiek op de islam zou toepassen. Maar dat is fout, want ressentiment werkt alleen maar onmacht in de hand.»
HUMO Speelt sociaaleconomische achterstelling dan toch een rol in de radicalisering – wat u beiden betwist?
Boudry «Osama bin Laden was een van de rijkste multimiljonairs van Saoedi-Arabië.»
Beeckman «Natuurlijk is het belangrijk om armoede te bestrijden. Maar de idee dat sociaal-economische achterstelling de enige oorzaak van radicalisering is, klopt niet. We moeten erkennen dat er een ideeënstrijd aan de gang is, die bepaalt hoe we ons voelen en hoe we in de wereld staan – los van materialisme, opleidingsniveau en welstand.»
Boudry «Er is zelfs een lichte positieve correlatie tussen het opleidingsniveau en de vatbaarheid voor radicalisme, vooral in technische wetenschappen. Intelligente mensen zijn vatbaarder voor gekke denkbeelden tout court, doordat ze beter zijn in het rationaliseren van ongerijmdheden. Anjem Choudary van Sharia4UK was een advocaat, een intelligent man: hij kan zijn geloofssysteem op een logische manier uitleggen en in discussies krijg je hem niet gevloerd.»
HUMO Is dat niet in tegenspraak met wat u schrijft in ‘Illusies
voor gevorderden’: ons brein is door de evolutie geboetseerd om de waarheid te achterhalen?
Boudry «Zelfs intelligente breinen zijn feilbaar: ze hebben kwetsbare plekken en kunnen besmet worden met irrationele denkbeelden. Denkbeelden zijn het resultaat van een culturele evolutie, zoals organismen het product zijn van een biologische evolutie: ze verspreiden zich van het ene brein naar het andere, onderhevig aan kleine mutaties, waardoor ze bijvoorbeeld resistent worden tegen kritiek en empirisch onderzoek. Een religie is zo’n voorbeeld van een geëvolueerd denksysteem, waar wij op zich geen baat bij hebben, maar dat zichzelf beschermt met allerlei immuniseringsstrategieën: straffen op afvalligheid, het hellevuur. Een gelovige zal wel twee keer nadenken voor hij dat wil riskeren.»
Beeckman «Samenzweringstheorieën bevatten ook zulke immuniseringsstrategieën, zoals ik in mijn boek uitleg. In Nederland tweete PvdA’ster Yasmina Haifi dat IS een complot is van de zionisten tegen de islam. Die gedachte maakt elke kritiek op fundamentalisme bij voorbaat verdacht. Daarom is het interessant om onze voorgeschiedenis van het streven naar waarachtigheid te onderzoeken. Machiavelli, bijvoorbeeld, beschreef in ‘Il principe’ hoe macht werkt. Dat boek werd door verlichtingsdenkers niet gelezen als een handleiding voor manipulatieve macht, maar als een waarschuwing voor het efect van macht. Dat werkt emanciperend. Waarachtigheid is langzaamaan een soort erecode geworden: ‘Ik wil niet iemand zijn die wordt bedrogen. En ik wil mezelf niet bedriegen. Dus moet ik ook mijn eigen geloofsovertuigingen kritisch benaderen.’»
HUMO Er zijn in Parijs 130 doden gevallen, maar iedereen roept op om gewoon verder te doen. Mogen we niet bang zijn?
Beeckman «Natuurlijk wel, maar de angst mag niet verlammen.
Boudry «Laten we wel wezen: de reële risico’s zijn verwaarloosbaar.”
HUMO Iemand met vliegangst weet ook dat
het statistische argument weinig soelaas biedt op kruishoogte.
Boudry «Onze angsten zijn niet proportioneel verdeeld over de reële risico’s. In een vliegtuig speelt mee dat je in een kleine afgesloten ruimte zit, en dat je geen controle hebt. Als er iets verkeerd gaat, ben je machteloos en is je dood verzekerd. Een onzichtbaar gevaar dat niet te controleren is en waarbij veel doden vallen: psychologen spreken dan van dread risk. De angst is nu ook veel groter dan in januari omdat we toen de keuze van de slachtofers nog konden plaatsen, binnen de verknipte terroristische logica. Nu kan iedereen slachtoffer zijn. In die zin is terrorisme een briljante strategie: door lukraak enkele mensen te executeren, verlam je miljoenen.»
Beeckman «Ook belangrijk: de intentionaliteit. De ondertitel van ‘Jaws 4’ is: ‘This time it’s personal’. Hilarisch, want een dier kent natuurlijk geen intentionele kwaadaardigheid, maar je begrijpt het punt: haat is beangstigend. Daarom dringt terreur zo diep in je leven in. Een auto-ongeval is ook gewelddadig, maar iedereen probeert min of meer voorzichtig te rijden. Hier heb je te maken met mensen die een aanslag plegen op je identiteit en je alles willen afnemen wat je dierbaar is. Het falen van de politiek speelt ook een rol. We vermoedden al langer dat politici machtelozer zijn dan ze willen toegeven – van de redding van het klimaat en de strijd tegen de werkloosheid komt weinig in huis – maar nu zíén we ze spartelen. Rechtse partijen winnen zienderogen aan populariteit. Dat verhoogt ook het gevoel van instabiliteit. We zijn niet alleen bang van de aanslag zelf, maar ook van het effect van de aanslag op de samenleving.»
HUMO Welke goede raad zou de filosoof geven aan mensen die bang zijn?
Boudry «Pik de draad weer op. Ga op een terras ziten. Bezoek concerten. Niet alleen als symbolische daad, maar ook om je brein gerust te stellen. Stel jezelf bloot aan de situatie die angst oproept: na verloop van tijd zal de angstreactie afnemen. Ook al kunnen we het ons nu moeilijk voorstellen: over enkele weken zal de angst weggeëbd zijn en zal het leven van alledag hervatten.»
Beeckman «Overgaan tot de orde van de dag is ook problematisch: de kloof in de samenleving blijt bestaan, de ambiguïteit over de democratie ook.»
Boudry «Dat mag uiteraard níét wegebben: de bezorgdheid over de problemen die integratie en de islam met zich meebrengen, en die zich niet beperken tot terreur. Homobashing, bijvoorbeeld, een probleem van een minderheid, maar wel een minderheid die groter is dan degene die terreur pleegt.»
ZEE VAN DATAPUNTJES
HUMO Moeten we in de strijd tegen de terreur
een deel van onze privacy opgeven? Uit onze jongerenenquête blijkt dat 44 procent van de jongeren bereid is om dat te doen. De enquête werd afgenomen vóór de aanslagen in Parijs.
Boudry «Ik behoor tot die 44 procent. Toegegeven, ik heb me nooit echt verdiept in het onderwerp, precies omdat ik vind dat er wordt overdreven: mensen overschaten zichzelf als ze denken dat hun privéleven zo interessant is dat ze het koste wat het kost moeten koesteren. Het zijn dezelfde mensen die steigeren als ze horen dat de NSA mails scant, ook al zijn ze niet meer dan een datapuntje in een zee van puntjes. Ik mail vaak over radicalisering: als ze op basis van bepaalde trefwoorden alle mails door een zeef halen, blijven die van mij wellicht hangen. Misschien worden ze zelfs gelezen: so what? Men zal meteen kunnen vaststellen dat er geen vuiltje aan de lucht is.»
HUMO Misstanden zijn niet denkbeeldig: de Antwerpse blogger Mohamed Ouaamari vertelde vorige week in Humo dat hij eens een Facebookberichtje kreeg van een oude kennis die naar Syrië was getrokken. Hij heeft het contact in paniek verbroken.

Boudry «In het ergste geval word je opgepakt en ondervraagd. Ik had een tijdje contact met Sam Van Rooy (publicist en woordvoerder Vlaams Belang, red.), die op zijn beurt contacten heet in het extreem-rechtse milieu: mijn naam kan dus plots opduiken in een gerechtelijk onderzoek. Bon, dat zullen we dan moeten uitklaren.»
HUMO Ouaamari heeft al een halve dag in de cel gezeten voor een Twittergrapje.
Boudry «Een ongelukkige situatie, zeer vervelend voor hem, maar zo’n misverstand is snel uitgeklaard. Het is een offer dat ik wil brengen als zo meer men- sen met kwade intenties voor de rechter worden gebracht. De successen van de inlichtingendiensten zijn natuurlijk per deinitie onzichtbaar. We kunnen ons geen voorstelling maken van wat er gebeurd was als die terreurcel in Verviers niet was opgerold, of als we de inlichtingendienst minder slagkracht zouden geven: daarom hechten we overmatig belang aan onze privacy.»
Beeckman «Ik weet óók dat ze niet elke mail lezen – er bestaat geen parallel universum – maar alles wordt wel opgeslagen. Er zijn mensen in Guantánamo beland op basis van ‘misverstanden’, Maarten. Gefolterd. De vraag is altijd: ‘Wie bewaakt de bewakers?’ Je weet ook niet op voorhand welke criteria de overheid zal hanteren om je als verdacht te beschouwen. In het Amerika van McCarthy, in de jaren 50, volstond het om links te zijn. Een staat die de geheimen van zijn burgers kent, is per definitie gevaarlijk. En dan nog: de NSA heet de aanslag op de Boston Marathon niet kunnen verhinderen.»
Boudry «Dan is het geen moreel vraagstuk, maar een kwestie van efficiëntie. En natuurlijk keur ik Guantánamo af. Maar illegale gevangenissen en folteringen hebben op zich niets te maken met inlichtingendiensten. Soms zeggen mensen mij als ik tegengas geef: ‘Waarom overhandig je je paswoord dan niet?’ Ridicuul argument, natuurlijk. Het zou het toppunt van narcisme zijn als ik denk dat mijn amoureuze perikelen de staatsveiligheid kunnen interesseren. Ze mogen gerust mijn mails lezen, maar alleen omdat ik hen niet kén. Ik wil bijvoorbeeld niet dat mijn naasten mijn mails lezen, want voor hen heb ik eventueel wel bepaalde zaken te verzwijgen.»
IMMUUN VOOR KRITIEK
HUMO Is een wereldwijd kalifaat een reëel schrikbeeld? Michel Houellebecq voert in ‘Soumission’ een Franse moslimpresident op die polygamie introduceert…
Boudry «Een overtrokken schrikbeeld: het wereldwijde kalifaat komt er niet. Ik mag ook niet zelfgenoegzaam zijn, maar zoals ik zei: IS zal weggeveegd worden. Ze zullen hun doelstelling nooit realiseren en hun draagvlak smelt zienderogen, uiteindelijk zullen ze zich moeten neerleggen bij de overmacht van een onverzetelijke tegenstander die zich niet laat intimideren door terreur.»
HUMO IS-doelwitten worden gebombardeerd bij het leven. Daarbij vallen burgerdoden
Beeckman «Wie over bombarderen spreekt, negeert wat een geglobaliseerde oorlog is. Wij denken nog altijd te veel aan de wereldoorlogen, als we spreken over oorlog. Ook al zegt IS van wel: het is geen goed georganiseerde natiestaat. Geglobaliseerde oorlogen gaan over identiteit en religie, de betrokken partijen zijn grensoverschrijdend. Zo’n oorlog kun je niet uitvechten van- uit de 19de-eeuwse logica van Carl von Clausewitz: de oorlog als voortzeting van poli-tiek, met andere middelen. Allerlei perverse mechanismen houden zo’n oorlog aan de gang: mensen hebben belangen in die speciieke oorlogseconomie, verwerven zelfs een eigen positie of identiteit door die verdeeldheid. Financiële drooglegging is een belangrijke strategie, maar we moeten vooral humanitaire hulp bieden om het conlict te beëindigen. Als je ze bombardeert, worden ze niet je bondgenoten.»
Boudry «Ik ben het ermee eens dat een militair ingrijpen slechts een deel van de globale aanpak kan zijn, maar we moeten de infrastructuur vernietigen waar aanslagen worden bedacht en mensen worden opgeleid om ze te plegen. Het grote gevaar is inderdaad dat we het probleem vergroten als we te drastisch ingrijpen. We hebben de militaire capaciteit om grondtroepen te ontplooien en IS van de kaart te vegen, maar dat zal op korte termijn alleen maar contraproductief werken – zéker als we het Amerikaanse leger zouden sturen. Bondgenootschappen zijn een mogelijke oplossing, al rijzen dan wel ethische vragen: IS en Saoedi-Arabië kun je vanop een afstand maar moeilijk van elkaar onderscheiden.»
HUMO Ik neem aan dat filosofen zich kunnen vinden in het voorstel van Jef Lambrecht om een ideeënoorlog te voeren, met technieken uit de reclame?
Boudry «Het probleem is dat je per deinitie verdacht bent in de ogen van de mensen die je probeert te bereiken. Ze zijn immuun voor kritiek die uit het Westen komt. Een tegendiscours kan verkeerd uitdraaien, zeker als het té agressief is. Bij deradicaliseringsprogramma’s is dat het grote probleem: een opening creëren. Het is duidelijk dat het tegendiscours van binnenuit zal moeten komen, niet van mensen als Tinneke en ik. Iemand als Montasser AlDe’emeh – die zelf een radicalisering heet doorgemaakt – kan gemakkelijker voet aan de grond krijgen.»
HUMO Zou dat tegendiscours de gedaante kunnen aannemen van de langverwachte Europese islam, en zou dat een antwoord kunnen bieden
op radicalisme?
Boudry «Die Europese islam is zeker geen illusie, ze is zich trouwens al aan het vormen, met activisten als de Brit Maajid Nawaz en de Palestijn Iyad El-Baghdadi, zelf ex-jihadi’s, academici zoals de Syrisch-Duitse politicoloog Bassam Tibi, en de Frane islamoloog Rachid Benzine, die ergens tussenin zit. Die mensen zijn minder invloedrijk dan we zouden wensen, maar ze win- nen aanhang. IS drijt mensen ook weg van religieus fundamentalisme, soms zelfs van de islam zelf. De islam laat zich moeilijker temmen door de verlichting dan het christendom, maar toch zal dat volgens mij gebeuren. Het is alleen lastig om de angel helemaal uit de Koran te verwij- deren. Christenen kunnen het Oude Testament verwerpen en de Bergrede van Jezus tot centrale boodschap verhefen, en zo al zijn geraaskal over de hel vergeten. Dat is kersenpluk en een vorm van wat ik in mijn boek ‘achterafgoderij’ noem: de projectie van moderne inzichten en gevoeligheden op oude teksten. Maar maatschappelijk is dat zeer gunstig gebleken. Bij de Koran zijn er minder goede kersen te plukken, maar je kunt toch al ergens raken door je bijvoorbeeld te focussen op die vroege openbaringen uit de Mekkaanse periode. Samen met de rationalistische traditie in de Arabische geschiedenis – de Gouden Eeuw van Bagdad en Andalusië – zijn dat aanknopingspunten voor een Europese islam. Maar moslims moeten dan wel het probleem met hun heilige teksten onder ogen zien, en zich niet in allerlei bochten wringen om de schuld op ‘slechte interpretatoren’ te steken. Dat wordt een zeer moeilijke evenwichtsoefening.»
HUMO Het zal toch moeten.
Beeckman «Als we verlichting willen promoten, mogen we de Amerikaanse onahankelijk- heidsverklaring niet vergeten, want die omvat een fundamenteel en onvervreemdbaar recht: ‘Life, Liberty and the Pursuit of Happiness.’ Dat is essentieel: uiteindelijk willen alle mensen gewoon een beter leven, zelfs al zijn de keuzes die ze maken soms destructief. Vanuit de idee van de Pursuit of Happiness kunnen mensen praten over hoe ze hun lot kunnen verbeteren.»
Boudry «We moeten ook geen schroom voelen om uit te leggen dat een seculiere rechtsstaat in het belang van de moslims is. Het is niet toevallig dat moslims van allerhande strekkingen naar hier komen, uitgerekend in het zogenaamd verderfelijke Westen genieten ze de grootste religieuze vrijheid, meer dan in hun dictaturen en theocratieën. Ook al wordt er veel over discriminatie gesproken: weinig moslims ontvluchten het Westen. People vote with their feet, als puntje bij paaltje komt. Het feit dat moslims nog altijd massaal naar hier komen, wil zeggen dat ze deep down besefen dat het hier beter is. Dat ze uit onze samenleving, met al haar man- kementen en tekortkomingen, het meeste voordeel halen.»

Staar je niet blind op de maatschappij om terreur te verklaren (en ook niet op het individu)

(De Morgen - 8 december 2015)

Lieven Pauwels, Maarten Boudry & Johan Braeckman

In de nasleep van de recente aanslagen in Parijs laaien de discussies over de oorzaken van de terreur weer hevig op. De opvatting dat "de maatschappij" zelf de monsters maakte en dus oogst wat ze zaaide, blijft hardnekkig. Maar klopt het dat maatschappelijke structuren, al dan niet zelf gecreëerd, een dwingende invloed op ons hebben?

In een eenzijdig maatschappelijk schuldmodel hebben we het allemaal aan onszelf te danken: ons geopolitiek beleid is een fiasco, de armoedebestrijding heeft gefaald, onze integratiepogingen zijn mislukt. Voor sommigen heeft zelfs het hele project van de Verlichting afgedaan. Vaak zijn het maatschappijcritici die deze boodschap verkondigen. Maar dat eenzijdige macro-verhaal faalt.

Als alles de schuld is van de maatschappij, moet het aantal terroristen en extremisten dan geen veelvoud zijn van hetgeen we vandaag kennen?

Waarom reageert de meerderheid van "slachtoffers" niet met terrorisme op de druk die uitgaat van ongelijkheid, van armoede en racisme? Waarom neemt de terreur vaak de gedaante aan van een bepaalde religieuze ideologie (het salafi-jihadisme)? Waarom werft IS rekruten over de ganse wereld, van prille Arabische democratieën (Tunesië), over maatschappijen die gebaseerd zijn op het laïcité-model (Frankrijk), multiculturalisme (Canada, VK), militaire autocratieën (Egypte), en wahabistische theocratieën (Saoedi-Arabië)?

Het structureel determinisme, zo beargumenteerde wetenschapsfilosoof Mario Bunge, verengt de mens tot een druppel in een oceaan, tot een spons die blind in zich opneemt wat hem wordt voorgeschoteld. Wie vertrekt vanuit structureel deterministisch denken gaat bovendien uit van een achterhaald mensbeeld: de mens als kneedbaar stuk boetseerklei. In het structureel deterministisch denken leiden armoede, discriminatie en onrecht tot onomkeerbare fatalistische reacties bij eenieder die er aan wordt blootgesteld, alsof de tussenliggende individuele mechanismen causaal niet relevant zijn.

Een zuiver individueel schuldmodel faalt echter ook. Individuele kenmerken, zoals een hang naar kicks, volstaan ook niet om terreur te verklaren. De jihadi-terrorist heeft geen duidelijk psychologisch profiel. Er moet meer aandacht gaan naar het zinvol verenigen van beide benaderingen. Enerzijds heb je achterliggende factoren op macroniveau (zoals de geo-politieke context) en mesoniveau (groepsprocessen), die een radicaliseringsproces in gang kunnen zetten.

Daarnaast heb je interveniërende mechanismen en hefbomen die individuele keuzeprocessen mee beïnvloeden. Alle handelingen zijn het gevolg van wisselwerkingen tussen individuele en contextuele kenmerken, en vaak is de micro-context veel belangrijker dan de grote maatschappelijke structuren. Dit komt omdat de micro-context dichter bij het individu staat dan de macro-context.

Diverse studies toonden aan dat zowel reëel onrecht als aangeprate gevoelens van onrecht jongeren richting totalitaire groeperingen kunnen duwen. Eens opgenomen in de groep, nemen de nieuwe leden een andere identiteit aan, zonderen ze zich af en laten ze zich een door een steeds extremer vijanddenken ophitsen. De stap naar dehumanisering van andersdenkenden is dan erg klein geworden, wat vervolgens extreem geweld legitimeert en normaliseert.

Liever dan een complex probleem realistisch te bespreken, blijven adepten van het maatschappelijke schuldmodel veilig op de paden van de politieke of religieuze correctheid. Structureel determinisme vormt het excuus bij uitstek om de invloed van aan religie ontsproten waanbeelden niet onder ogen te zien. Toch tieren de fundamentalistische interpretaties van de Islam welig en spelen apocalyptische doembeelden over een nakende eindstrijd een bijzonder grote rol.

Seculier denkende westerlingen zijn zo vervreemd van de kracht van dergelijke geloofsovertuigingen dat ze zich nauwelijks nog kunnen voorstellen hoe grondig ze iemand mentaal kunnen beheersen. Daarom kijkt men enkel naar andere oorzaken, zoals structureel onrecht, uitsluiting en racisme. Maar dat gebrekkig inlevingsvermogen breekt ons zuur op. Structureel deterministen blijven blind voor andere oorzaken van terreur. Dat leidt niet zelden tot een vermoeiende en nutteloze vorm van zelfkastijding over 'onze' fouten' en een misplaatst begrip voor fundamentalisme.

Op dezelfde manier kneep progressief links in de jaren 60 beide ogen dicht voor de goelags van Stalin, en vergeten aanhangers van Michel Foucault dat hij het moorddadig regime van Khomeini steunde. Een zuiver individueel model faalt ook, want de invloed van individuele kenmerken is contextafhankelijk. Eenzijdig denken, zij het vanuit macro- of micro-perspectief, is gevaarlijk voor de democratie.